BRUTALO’S
Brutalo’s zijn wereldburgers, ze kennen geen grenzen. Het is tot daaraan toe dat iemand zich aan een winkelvoorraad vergrijpt - die kun je pakken en straffen. Echte brutaaltjes vergrijpen zich aan anderen, wetend dat ze aan de dans kunnen ontspringen.
Er wordt financieel jacht gemaakt op alleenstaande ouderen. Mijn moeder, van een respectabele tweeënnegentig jaar, is so wie so verguld wanneer ze ‘post’ krijgt, liefst erg veel. Mijn moeder overleeft haar existentie zal ik maar zeggen - op haar leeftijd zijn er nog maar weinig bekenden in leven. Steevast is het een stapeltje enveloppen met mogelijkheden tot overschrijving, of met berichten van al overgeschreven bedragen. Zogeheten ‘goede doelen’.
De brief die ze op 7.2/2011 ontving is van een zodanige gotspe, dat ik tijdens het lezen rood aanliep en even serieus vreesde voor de eigen gezondheid. Ze is ‘ondertekend’ door ene Erica Waasdorp, Directeur Stichting Wereld Nood Hulp. Bovenaan de brief, vetgedrukt, staat: “Bent u er straks ook nog voor degenen die u nodig hebben?” Alleen al het uit elkaar geschreven ‘Nood’ en ‘Hulp’ geeft te denken, het volgende ‘Geachte’ is intens onbeschaamd…
“Geachte Mevrouw - Twee jaar geleden verloor ik mijn vader na een langdurige ziekte bla bla; Mijn vader had dan ook voor enkele organisaties een voorziening voor later getroffen bla bla; Ongetwijfeld denkt u ook weleens over later, als u er niet meer bent. Hoe zult u herinnerd worden, door uw dierbaren, door anderen? bla bla;… dat u doorleeft in de harten van velen (onderstreept), bla bla.”
Of mijn moeder aan haar stichting iets wil nalaten in een door de notaris vastgelegd testament, ze is immers toch al donateur van de club. Tja waarvan intussen niet? “Met vriendelijke groet…” Of die moeder hierover misschien even moet overleggen met haar kinderen overweegt de noodhulpdirecteur maar liever niet.
Deze moeder overkwam ook het volgende. Op een dag vroeg ik of nu eindelijk ‘het knopje’ was geïnstalleerd – het ding aan een koordje op de borst, waarop ze kan drukken als het misgaat. Nee, er was wel iemand langs geweest, maar het lukte maar niet… Nu probeert mijn moeder aan alles wat noodzakelijk is te ontsnappen, dus ik dacht: Al weer zo’n snertsmoes!
De volgende donderdag, na terugkeer met haar boodschappen, tref ik bij haar in huis een meneer aan, net van plan om weer te vertrekken. Tja, bent u de zoon? Inderdaad. Nou, er is iets raars aan de hand, ik probeerde al twee maal eerder de voorziening voor het knopje te installeren, maar er is steeds interferentie – is er in huis ergens een apparaat dat dit zou kunnen veroorzaken?
Mijn moeder beschikt over een gewone TV, een gewone telefoon en een gewone radio – dat is het dan wel. Alleen al het woord computer roept raadselogen op. Nee, zeg ik dus, maar laten we eens rondkijken om te zien wat het zou kunnen zijn. Staat daar tot onze stomme verbazing op een kastje in mijn vroegere, intussen ongebruikte kamer een modem te prutten, compleet met flikkerende lampjes. Hetzelfde soort ding, waarmee ik straks dit tekstje vanuit mijn eigen huis, vanaf mijn computer zal versturen.
De moeder erbij gehaald - wat of dit is en waarvoor? Geen idee, zegt ze. Dan licht de meneer van het knopje ons voor. Het blijkt een onhebbelijke gewoonte van de KPN, voorheen PTT, om vooral oudere mensen te bellen – hij kan het weten, hij heeft slechts oudere mensen als klant. Hen wordt dan gevraagd of ze lekker kunnen telefoneren – Ja hoor! En of ze misschien nog beter dan lekker willen kunnen telefoneren – Ja hoor! Na rondvraag blijkt zo’n opgenomen telefonische toezegging even goed te zijn als een handtekening - van je wetgever moet je het als oudje maar hebben.
Vervolgens verschijnt er een monteur, die zegt dat hij ‘iets moet doen’ en die dan een modem installeert. Het kreng stond ruim anderhalf jaar tegen een fors maandbedrag zinloos te zoemen. Het kostte me anderhalve maand woedend bellen, met van die typische helpdesktutten, voordat het kreng eindelijk werd verwijderd. Van een genoegdoening heeft mijn moeder nimmer gehoord.
Dat bedoelde ik met brutalo’s.
Sierksma, 2.3/2011 Haarlem