De Kinkerbrug

 

Op de brug van Oud -West naar de buurt van ons

Waarin de nacht spookachtig stille schepen gaan

Weerkaatsend water, groen, rood, wit en volle maan

En ik moet denken hoe jij daar vaak naast me stond

 

Je koude vingers zacht verstopt in mijn   hand

jou ogen schitterend en vol van sprookjes licht

Daar was ons huis toen ver weg aan de overkant

En de brug was soms open of toch dicht

 

Nu sta ik daar vaak alleen te kijken s'nachts

Ik kijk hoe jij toen naar de schepen keek

En denk dat het toen allemaal zo anders leek

 

Als ik de Kinkerbrug naar huis dan oversteek

Dan is het nog steeds jou hand die ik verwacht

Alsof ik je toch weer naar ons huis toe bracht