DOWN

Net had ik me voorgenomen dat dit een góed jaar moest worden. Mijn eerste
drie kwart jaar pensioen in het vorige was immers een debacle: doden om me
heen, eigen ziekten, afscheid van mensen, overwerkte pezen en spieren
tijdens overmatige arbeid aan mijn Franse huisje – you name it! Onrust in
het hoofd.

Wel schreef ik enkele intimi dat dit streven naar innerlijke rust, door
middel van het doven van stoorzenders in mijn omgeving, niets te maken
heeft met het onnozele hippiegeleuter over ‘inner peace’. Omdat de wereld
altijd al tegenstellig is, steekt ook elk hoofd zo in elkaar. Elk van ons
is een bijzondere spiegel van de omgeving waarin hij leeft - een geheel
van concentrische cirkels, waarvan het alleen maar lijkt alsof wij zelf de
steen in de vijver zijn, maar waarin feitelijk cirkelvormige schokgolven
steeds opnieuw op ons afstormen.

Dus streef ik al langer naar een rust, die me in staat moet stellen om
deze golven van buiten beter op te vangen - iets meer weloverwogen zeg
maar. Ik neig nogal eens naar paniek. Als ongelovige Thomas sloeg ik
daarom een klein kruis over dit nieuwe jaar.

Maar godbetert vrijdag de 9e van de eerste maand was het al weer zover. In
de morgen opende ik mijn computer om de mail te checken. In plaats van de
bekende site van mijn server, verschijnt er een of ander beeld waarin ik
werd gefeliciteerd met de aanschaf van iets cyberachtigs. Ik kom alleen
uit dit plaatje door verschillende keren ‘next’ in te tikken. Dan valt de
hele machine uit.

Uren belde ik de helpdesk zonder contact te krijgen. De server was ‘down’
hoorde ik later, mijn apparaat volgde gedwee. Nu – woensdag de 14e, na
weer x-keer bellen en na twee beurten van samen meer dan twee uur
telefonisch contact met een hulpje – ben ik slechts middels een kabeltje
naar mijn modem in staat om op het web te komen.

Prompt raakte ik na die ellende zo in paniek, dat ik een bijna leeg
document van mijn stick overschreef op het inmiddels goed gevulde document
voor een artikel op de harde schijf, het resultaat van dagenlang studeren
en diepzinnig schrijven. Zo joeg ik het artikel voor eeuwig het ‘icy
universe’ in.

Die modem staat trouwens niet in mijn studeervertrek, maar beneden in de
huiskamer, en wel op een onooglijke plekje in de hoek - onder de
vensterbank. Daar weggekropen, heb ik mijn ene elleboog en beide
oudemannen knieën vernield door anderhalf uur tevergeefs te bellen met de
desk aan gene zijde van de lijn, teneinde mijn laptop opnieuw op
‘draadloos’ in te stellen. Nu moet ik tot 16e wachten op een monteur en
dus voor elke mail met de machine naar beneden en weer terug.

Als een kleingelovige, weliswaar richting zuidwest, knielde ik daar al die
tijd terneer onder de vensterbank, met de blik van mijn poezen machteloos,
op bevel van verre, codes opzoekend, noterend en intikkend. God keek
ongetwijfeld op me neer, hij bood geen hulp.

Letterlijk ging ik down en ik ben het figuurlijk nog steeds.

Sierksma, jan. 2009