Een korte ontmoeting met Mulisch.

Harry Mulisch is dood en dat is jammer. Of je zijn boeken nu goed vind of niet het was een zeer bijzonder mens. Ik vond veel van zijn boeken erg goed. Ook al was het 40/45 graden Celsius en vielen de mussen massaal dood van de daken, meneer Mulisch liep altijd keurig in het pak. Aan gezien ik nogal veel in de buurt van het leidseplein kom heb ik meneer Mulisch erg vaak zien lopen. Bij toeval heb ik ook wel eens met hem in het zelfde café gezeten, maar natuurlijk kende we elkaar niet persoonlijk. Ik ben niet de persoon om zomaar bekende of beroemde mensen aan te spreken. Dat is overigens in een stad als Amsterdam ook onbegonnen werk, met al die echte en zogenaamde beroemdheden.

Maar een keer heb ik een zeer kort gesprek gehad met meneer Mulisch en wel op de avond dat de film de aanslag een Oscar had gewonnen. Ik had op het journaal gezien dat de film in de prijzen was gevallen en ik vond dat ik dat wel even kon vieren met een paar biertjes in mijn stamcafé vlak bij het leidseplein. Tegenwoordig niet meer zo vaak, maar vroeger had ik maar erg weinig aanleiding nodig om iets te gaan vieren. En als er niets te vieren viel was er wel wat te treuren, dus het café werd veelvuldig bezocht.

Toen ik langs het Americain hotel op het leidseplein liep kwam net meneer Mulisch daar van de stenen trap af. Keurig in het pak, zijn hand nonchalant in de zak van zijn colbert, pijp in de mond.

In een opwelling liep ik naar hem toe stak hem mijn hand toe en feliciteerde hem van harte. Meneer Mulisch bedankte mij vriendelijk en zei dat hij erg blij met de Oscar was. We knikten elkaar toe en vervolgden onze weg. Toen ik een stukje verder om keek liep stak hij de straat over naar zijn huis. Ik lette niet op en struikelde over een loszittende straattegel en lag languit voor de grote ramen van het Americain hotel. Broek stuk, hand geschaafd.

Ik keek naar meneer Mulisch die niets van het voorval had gemerkt en zag hem om de hoek verdwijnen bij de bloemenwinkel. Nog steeds, hand in zijn zak, keurig in het pak, pijp in de mond. Ik zag hem nog regelmatig lopen, maar we hebben elkaar nooit meer gesproken. Zaterdag wordt hij begraven.

Ik ga zijn boeken nog maar eens lezen.